Bericht
Laatst gewijzigd op: 5 oktober 2022

Steeds meer bekend over machtsmisbruik Arib

Er komt dankzij de NRC steeds meer informatie boven water hoe het er tussen 2016 en 2021 nu echt aan toeging bij de griffie van de Tweede Kamer. Het huidige presidium van de Tweede Kamer, waar (bijna) alle partijen in zijn vertegenwoordigd, wil een onafhankelijk onderzoek laten houden naar de meldingen over grensoverschrijdend gedrag door de oud-voorzitter Khadija Arib. Die sloeg hard terug in de media, waardoor de discussie wegdrijft van waar het om gaat.

Toezichthouder of bestuurder

Vooraf even een kleine toelichting. Het presidium onder leiding van de voorzitter van de Tweede Kamer is de toezichthouder op de griffie en het ondersteunend apparaat van de Tweede Kamer. De griffier zelf is de hoogste ambtenaar en dus de formele bestuurder van een organisatie met 650 medewerkers, ook richting de OR. De reconstructie van de NRC van 3 oktober laat zien waar het probleem lijkt te liggen: de toezichthouder is op de stoel van de bestuurder gaan zitten. En niet subtiel, maar met veel machtsvertoon.

Brief ondernemingsraad

Uit de reconstructie blijkt dat Arib handelt alsof zij en niet de griffier Renata Voss de formele baas (bestuurder) is, bijgestaan door twee (mede)directeuren. Bij de herverkiezing van Arib als voorzitter schrijft de OR op 3 april 2017 op basis van signalen uit de organisatie een brief met felicitaties, maar ook een waarschuwing. De OR ziet ‘meer en meer een zorgelijke ontwikkeling waarbij de scheiding tussen politieke (presidium/voorzitter, red) en de ambtelijke organisatie (griffie en ondersteuning) diffuus is’.

Oren wassen

Het ongevraagde advies van de OR leidt tot woede bij Arib. Ze ontbiedt enkele leden van de OR en wast hen – in de aanwezigheid van de griffier – de oren, aldus de NRC. De OR schrijft een nieuwe brief, waarbij ze het gedrag van Arib beschrijven als ‘ intimiderend en aanmatigend’. Ze omschrijven Arib als een ‘hiërarchische’ manager, die ‘weinig tot geen inspraak duldt’. Bovendien geven ze hun verbazing aan dat Arib tot drie keer toe in het gesprek heeft aangegeven de baas van de Tweede Kamer te zijn – en dus ook de baas van de ambtelijke organisatie.

Drie kantjes

Ook schrijft de OR in haar brief van maar liefst drie kantjes, dat ze met plaatsvervangende schaamte hebben moeten toezien hoe de griffier als bestuurder verantwoording moest afleggen en openbare boetedoening moest doen tegenover Arib en in bijzijn van de OR. De OR adviseert Arib een hoogleraar staatsrecht in te schakelen die haar kan uitleggen hoe de scheiding tussen toezichthouder en bestuurder in elkaar steekt. Het is de laatste brief die de OR stuurt, ze geeft meteen aan dat ze ook geen prijs meer stelt op een nieuw gesprek met Arib over deze ’onverkwikkelijke zaak’.

Vernederd

De brief wordt uiteindelijk niet verstuurd – op dringend verzoek van griffier Voss zelf, die de zaak probeert te redden. Onderwijl verandert het gedrag van Arib niet. Ambtenaren voelen zich vernederd in bijzijn van collega’s of bij bezoek van buiten. Een van Voss’ directieleden, Jan Willem Duijzer, spreekt zijn grote zorgen richting Arib uit op 6 september 2018 over haar betrokkenheid bij de ambtelijke organisatie en haar houding richting de medewerkers. Vijf maanden later dient hij gedesillusioneerd zijn ontslag in. Ook Renata Voss neemt ontslag.

Angstcultuur

Als na de laatste verkiezingen Vera Bergkamp Arib verslaat in de strijd om het Kamervoorzitterschap, haalt de ambtelijke organisatie opgelucht adem. Veel medewerkers voelen zich dan pas veilig een melding te doen bij de bedrijfsarts of vertrouwenspersoon. Die melden dat er 23 medewerkers meldingen hebben gedaan over sociale onveiligheid en een angstcultuur, waarbij niemand een officiële klacht durfde in te dienen. Hun advies luidt: stel een onafhankelijk onderzoek. Dat gebeurt dan nog niet.

Schrikbewind

Zodra bekend wordt dat Arib de nieuwe voorzitter wordt van een Tweede Kamercommissie naar het coronabeleid, breekt de angst opnieuw uit bij de medewerkers. Dit zal namelijk betekenen dat ze weer voor Arib moeten werken. De medewerkers gebruiken hun laatste redmiddel: ze schrijven twee anonieme brieven met verschillende klachten over ‘machtsmisbruik’ en een ‘schrikbewind’. De strekking van die brieven wordt onderschreven door de top van de griffie. Nadat het nieuwe presidium advies heeft ingewonnen bij de landsadvocaat, besluit het unaniem in met het instellen van een onderzoek.