Nieuws
Laatst gewijzigd op: 13 juli 2026 | Geschreven door: Redactie Performa OR

Wet Meer zekerheid voor flexwerkers aangenomen

Vanaf 1 januari 2028 krijgen medewerkers met een flexibel arbeidscontract meer zekerheid over hun arbeidsvoorwaarden en werktijden. Er komt een wachttijd van drie jaar om draaideurconstructies met tijdelijke contracten te voorkomen. Nulurencontracten verdwijnen en min-maxcontracten worden vervangen door bandbreedtecontracten met een minimumaantal uren dat een medewerker standaard wordt betaald en ingeroosterd. Uitzendkrachten krijgen minimaal gelijke arbeidvoorwaarden als werknemers in loondienst als het gaat om salaris, toeslagen, werktijden, vakantiedagen, pauzes en feestdagen. Dat staat in de Wet meer zekerheid flexwerkers (Wmzf), waarmee de Eerste Kamer op 7 juli heeft ingestemd.

Tijdelijke contracten

In de nieuwe wet geldt het uitgangspunt dat tijdelijke contracten alleen bedoeld zijn voor tijdelijk werk. Daarom is het straks drie jaar lang verboden een tijdelijk medewerker opnieuw tijdelijk in dienst te nemen als de periode van drie tijdelijke contracten in een periode van maximaal drie jaar is afgelopen. Nu is die wachttijd nog op zes maanden. Met deze wijziging wordt bijna 100% van de draaideurconstructies voorkomen. Dezelfde termijn van drie jaar gaat gelden voor uitzendkrachten. Er zijn wat uitzonderingen. Voor seizoenswerk geldt een onderbrekingstermijn van drie maanden. Voor scholieren en studenten met een bijbaan van maximaal 16 uur per week is dat zes maanden.

Oproepcontracten

Een nulurencontract is straks niet meer toegestaan. Een ander soort oproepcontract, het min-max contract, wordt verruild voor het bandbreedtecontract. Hierin spreken werkgever en werknemer een minimum- en een maximumaantal uren af, waarbij het verschil maximaal 30% mag zijn. Dit betekent dat bij een minimum van 10 uur het maximum 13 uur is. Die spreiding is aanzienlijk minder ruim dan nu. De werknemer krijgt voortaan het recht oproepen die boven het maximum zitten te weigeren. Als er structureel meer wordt gewerkt moet er een contract worden aangeboden met een hoger aantal uren. Ook hier geldt: er zijn uitzonderingen voor bijbanen van medewerkers die een ander hoofdactiviteit hebben, zoals AOW-gerechtigden, scholieren en studenten met een bijbaan van maximaal 16 uur. Voor hen blijft het oude min-maxcontract bestaan.

Uitzendcontracten

Uitzendkrachten krijgen al vanaf 31 december 2026 minimaal gelijkwaardige arbeidvoorwaarden krijgen als medewerkers in loondienst. Dat betekent dat ze minimaal dezelfde ‘essentiële’ arbeidsvoorwaarden krijgen, zoals salaris, toeslagen, atv, werktijden, vakantiedagen, pauzes en feestdagen. Daarnaast hebben ze ook recht op minimaal gelijkwaardige ‘niet-essentiële arbeidsvoorwaarden’, zoals pensioen. Ook krijgen uitzendkrachten bij ziekte voortaan altijd recht op loondoorbetaling. De meest onzekere fases van uitzendwerk worden verkort: fase A gaat naar maximaal één jaar, fase B naar maximaal zes contracten in twee jaar. Daarna komt de uitzendkracht in vaste dienst bij het uitzendbureau. Ook hier geldt een uitzondering: sociale ontwikkelbedrijven.

Arbeidsmarktpakket

De Wet meer zekerheid flexwerkers is het tweede onderdeel van het arbeidsmarktpakket, de hervorming van de Nederlandse arbeidsmarkt die moet zorgen voor meer zekerheid voor werknemers en meer wendbaarheid voor werkgevers. Eerder is de Wet invoering rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst op basis van een uurtarief aangenomen. Deze wetten vloeien voort uit afspraken die het kabinet in 2023 heeft gemaakt met vakbonden en werkgevers en zijn gebaseerd op het rapport van de commissie Borstlap uit 2020 en het SER-advies uit 2021.