Ontslagbescherming
Als lid van de OR is het belangrijk dat je jouw mening kan geven, zonder dat je bang hoeft te zijn om je baan te verliezen. Daarom is er speciaal opzegverbod voor OR-leden. De ontslagbescherming voorkomt dat een bestuurder OR-leden aan de kant kan zetten omdat ze te mondig zijn of omdat ze niet instemmen met een voorgenomen besluit. De ontslagbescherming geldt alleen als er sprake is van ontslagredenen die met het werk van de OR te maken hebben.
Niet alleen voor OR-leden
De ontslagbescherming geldt overigens niet alleen voor werknemers die daadwerkelijk lid zijn van de OR, maar voor iedereen die bij de werkzaamheden van de OR betrokken is. Denk daarbij aan werknemers die bezig zijn om een OR op te richten, de toegevoegde ambtelijk secretaris, kandidaat-leden van de OR, ex-leden van de OR (tot twee jaar na beëindiging van het lidmaatschap) en leden van OR-commissies die zelf niet in de OR zitten. De ontslagbescherming geldt analoog voor leden van de personeelsvertegenwoordiging (PVT).
Uitzonderingen
Een werkgever mag een OR-lid wel ontslaan om (gewichtige) redenen die niets met het medezeggenschapswerk te maken hebben, bijvoorbeeld vanwege een verstoorde arbeidsrelatie, disfunctioneren of wangedrag. Loopt jouw tijdelijke contact af of is jouw proeftijd voorbij? Ook dan vervalt de ontslagbescherming. In het geval van een faillissement of het vervallen van jouw arbeidsplaats ben je als OR-lid eveneens niet beschermd.
Kantonrechter
Zoals gezegd: ontslag wegens het OR-werk is niet toegestaan. Als een OR-lid toch ontslag krijgt vanwege zijn OR-werk, is dat een zaak voor de kantonrechter. De rechter bepaalt of er een verband is tussen het ontslag en het lidmaatschap van de OR. In het geval van een dreigend ontslag is het handig om contact op te nemen met de vakbond.